over datum


Het flatje van Tante Rie aan de Rijnmond in Katwijk was geliefd: uitzicht op zee, om de hoek het strand. Nichten en neven maakten graag gebruik van haar gulheid. Als zij in het seizoen op de camping in Twente verbleef, de harde wind was niet goed voor haar hart, was het flatje hun plek. Ze vroeg er nauwelijks iets voor. Kwam je bij Tante Rie op bezoek moest je op je hoede zijn. De chocola bij de thee was uitgeslagen, de drankjes onbestemd van smaak en hetgeen bij de koffie geserveerd werd moest je snel wegwerken. De truc om zelf vers gebak van de bakker mee te nemen werkte niet. Het verse gebak verdween in de koelkast en jij zat het kleffe taartje van een voorganger te eten.

Vorige week meldde mijn zoon dat zijn biertje een vieze smaak had. Ik wist wel dat het bier er al een tijdje stond, bij mij worden lekkere Belgische biertjes gedronken en die zijn zo op, maar wist niet dat bier kon bederven. Ik was geĆ«rgerd. Komt vaker voor dat mijn nageslacht er op wijst dat iets over datum is. Vroeger kreeg ik het verwijt dat ik nooit iets in huis had en dat de koelkast weer zo goed als leeg was,  nu wordt de Icetea en de Fruitmilk eerst bekeken of ze wel vers is. Vraag me af of ze iets geproefd hadden als ze niet eerst naar de houdbaarheidsdatum hadden gekeken. 

Het is moeilijk in een eenpersoonshuishouden juist in te slaan. Ik ben er in ieder geval niet goed in. Heb ik net een fles jus open, duurt het twee maanden voor iemand anders er om vraagt en dan is ie bedorven. Iets in de aanbieding kopen is ook niet aan mij besteed als het om bederfbare waren gaat. Komt niet op. Over datum. Alleen maar inslaan wat je per dag nodig hebt, jaagt je iedere dag naar de winkel met het risico dat je weer dingen inslaat die je eigenlijk niet nodig hebt en maakt dat je nooit onverwacht bezoek kunt krijgen. En nog iets: als je op je gewicht wilt letten is het wijs geen vooraadje lekkere dingen in huis te hebben. Over die houdbaarheidsdatum valt overigens wel wat te zeggen: het is de uiterste datum dat de fabrikant de kwaliteit van het product garandeert, vooral bedoeld voor claimende advocaten.

Voor mij staat een doosje roze tompoezen. Niet opgegaan gister. Vandaag verstrijkt de houdbaarheidsdatum. Wat te doen? Ze alle vier op eten?  Op bezoek gaan en ze meenemen? In de container? Het etiketje eraf scheuren en gewoon morgen serveren bij de koffie? Tante Rie zou het wel weten.

Advertisements

omvallende banken


Op 11 september 2001, het was dinsdag, het was middag, zat ik op mijn kamer. Ik was bezig op de computer. Af en toe liep ik even naar de hal, daar liepen brugpiepers met hun ouders heen en weer. Ze hadden tassen bij zich en plastic zakken. Allemaal voor de introductiedagen. Het was een sombere dag, al een beetje herfstig. Nat en koud. Daar stond ineens aardrijkskunde docent N naast mijn bureau. Opgewonden, ik moest…. Ik begreep niet veel van zijn verhaal, maar ging wel achter hem aan. Naar de aula. Daar stond de tv al aan. Samen met de conciĆ«rges en een enkele leraar keken we zwijgend naar de onwerkelijke beelden. We zagen live hoe de tweede toren inelkaar stortte. 

De wereld was voor altijd veranderd. Al Quaida, Osama Bin Laden, War on terror, Quantanamo Bay, terroristische aanslagen. 

Wat was eigenlijk het doel van de met stanleymessen bewapende terroristen van toen. Hetzelfde als dat van de aanslagenplegers van IS: Het vestigen van een Islamitisch wereldrijk naar het model van het kalifaat. De grootste vijand van het Islamitische ideaal is het Westen met haar verderfelijke invloeden. Die in het hart raken, dat was de bedoeling.

En dat is gelukt. Dat wil zeggen, we waren ontdaan en met stomheid geslagen dat dit mogelijk was. 

Maar terugkijkend kun je ook zeggen dat niets van hun doelen is bereikt. De westerse cultuur is niet minder bizar en verderfelijk. En haar invloed is eerder toegenomen dan afgenomen. Toen 7 jaar later op 15 september 2008 de bank van de Lehman Brothers instortte, werd duidelijke hoe rot de bankenwereld in elkaar steekt. En hoe groot haar macht is.  Het kapitalistische Westen raakte in een diepe crisis. Het duurde tot vorig jaar.

Het kapitalisme staat weer recht overeind. Het waren de gewone burgers die de gewonde banken overeind hielpen met massale steun. Miljarden gingen er naar de banken. Zoals het geld voor de failliete Grieken, en dat was heel heel veel, voor een groot deel naar de banken en de overheid ging. Geld van de brave belastingbetaler. De banken saneren en reorganiseren er op los, zijn weer gezond. En gaan gewoon op de oude voet door. Maar het kantoor in het dorp is gesloten. Joris Luyendijk keek achter de schermen in het wereldje van de banken.” Gewetenloze roofdieren zijn het”.

De vijand die op nine eleven werd aangevallen is ook onze vijand. 

bakkie doen

Hij kwam alleen maar een bakkie doen. Hij was toch in de buurt. Ja het werk, het gezeur, het gedoe dat miste hij niet. Blij dat ie er van af was. “Maar wat ik mis”, en nu verhief hij zijn stem, en in zijn ogen was het te zien: Hij miste de collega’s, de praatjes, de geintjes, het elkaar. Samen een bakkie doen. 

  Het ritme van een werkdag. Het gevoel zinvol bezig te zijn, iets te betekenen. Ook dat missen mensen als ze stoppen met werken. Het leger gepensioneerde vrijwilligers is naarstig op zoek naar dat gevoel. Ik ben bezig. Ik beteken iets, ik doe er toe, ik geef zin aan mijn leven. 
Dit weekend was hier de Strongsister- en de Strongmanrun. Duizenden met name jonge mensen werkten zich in het zweet en de modder over onmogelijke hindernissen en obstakels, kilometers lang. Ik vroeg me af wat hier nou de zin van was en waarom ik zo veel blijheid, oprecht plezier en saamhorigheid zag. Het is blijkbaar een oerbehoefte: met elkaar bezig zijn,  tot het uiterste gaan, ook al is het op de keper beschouwd zinloos. Keihard werken en daarna een kopje koffie drinken. Of bij de automaat uit een plastic bekertje. Samen. Zwijgend.

“Kom nog es langs”, zei de buurvrouw toen de man weer op zijn elektrische fiets richting de camping vertrok. Hij keek niet om. 

 

zo wil ik het niet

Vandaag ga ik schrijven voor mijn zus Rieteke. Geen Wiske, maar een woordje bij haar afscheid. Zij overleed vrijdag j.l. Zij was mijn 4 jaar oudere zus. Op haar verjaardag in februari beloofde zij mij dat zij nog heel lang mijn heldere zus zou blijven. Zo is het niet gegaan. 2 Maanden later kreeg zij te horen dat zij ongeneeslijk ziek was en dat de ziekte agressief was.

Na een leven actief in de Zorg had zij een duidelijk beeld voor ogen hoe het laatste deel van haar leven er uit zou zien: geen chemo, geen mensonwaardig lijden, geen bed in de kamer, geen …. 
Het is allemaal anders gegaan. Het is gegaan zo als  ze het niet wilde. Mijn lieve, arme, dappere zus.

Het is voorbij. Uiteindelijk in vrede heengegaan. Het is goed. De laatste maanden waren wij dichter bij elkaar dan ooit. Een kostbaar geschenk. 
Nu ga ik schrijven. Waar zal ik beginnen. 

ochtendster

Tijdens de Tweede Wereldoorlog stond er aan weerszijden van de brug tussen de Peperstraat en de Nieuwe Uilenburgerstraat in Amsterdam een bord Judenviertel. Hier begon de Jodenwijk indertijd. Een levendige Joodse volksbuurt met een markt en kleine winkeltjes en handelaars in van alles en nog wat. De rijke Joden woonden meer aan de grachten en in de rivierenbuurt waar bijvoorbeeld Anne Frank woonde. In dit gedeelte van Amsterdam huisden de eenvoudige Joden. Het leven speelde zich op straat af. Met naast hun eigen marktje een eindje verderop de markt op het Waterlooplein. Sjacheraars, bedelaars en ochtendsterren, personen die ‘s ochtends tussen het vuilnis op zoek gaan naar handel. 

Ik had die betekenis van het woord ochtendster of morgenster nog nooit gehoord. Mijn tafelgenoot, die behalve een goede vriend ook een wandelende wikipedia is gebruikt het. Ochtendster is de naam voor de planeet Mercurius. De planeet die het dichtst bij de zon staat en tevens de kleinste planeet is van ons zonnestelsel. Hij staat zo dicht bij de zon dat hij alleen zichtbaar is vlak voor zonsopgang. De planeet is vernoemd naar de Romeinse god Mercurius vanwege de snelle draai om de zon. De planeet Venus wordt zo ook wel genoemd. Die staat weer iets verder van de zon af en is daar door beter zichtbaar.

Ik geloof dat ik nog nooit een ochtendster heb gezien aan de hemel. Wel op straat. Vanmorgen nog. De zon komt op boven het IJ. Een huizenhoge Cruiser trekt zwijgend haar spoor door het water. Een visser. Het pontje. Joggers. Fietsers. De tram. Bevoorraders. Ik hou van wandelen door de natuur. En wandelen over de kades van het Java Eiland. Niets dan morgensterren.

old age should burn and rave at close of day

Het leuke van Zomergasten is dat je aangezet wordt weer eens een boek op te pakken of een filmpje te bekijken. Zo was daar gisteravond aan het eind van de uitzending een opname van Nina Simone met het lied Stars. Wat een vrouw. Wat een kracht. En wat een kwetsbaarheid. Zeldzaam mooi.

Maar aan het begin van de uitzending zat het gedicht van Dylan Thomas, Do not go gently in that good night.  Nelleke Noordervliet gebruikt de laatste zin van het gedicht, Old age should burn and rave at the end of the day, als motto van haar boek Aan het eind van de dag. Een boek over een succesvolle vrouw die met gemengde gevoelens terugkijkt op haar leven. Op de achterflap: Ze onmaskert leugens en illusies die zij en haar generatiegenoten hebben aangehangen en maakt de rekening op van een leven van goede bedoelingen en tragische uitkomsten.”

Vorige week zag ik een filmpje bij Nieuwsuur van een vrouw van bijna 90 die iedere dag sport. Lopen, zwemmen, oefeningen. Je zag haar op een gegeven moment sierlijk van de hoge duikplank springen. “Zorg dat je blijft bewegen en onder de mensen komt”. Zij ” burnt” en “ravet”  zou je kunnen zeggen. Ik denk niet dat de dichter Dylan dit soort vrouw voor ogen had toen hij het gedicht schreef. Hij schreef  het gedicht naar aanleiding van de dood van zijn vader. Hoewel Dylan de dood als ” a good night” aanduidt vindt hij dat je de dood niet vriendelijk( gentle) tegemoet moet treden. Burn! Rave! Brandt, Raas en Tier!  Leg je er niet bij neer. Verzet je. En toch.. “gently in that good night”.

Goede bedoelingen. Vuur, razen en tieren het is nodig om je idealen te verwezenlijken. Het is goed dat er dichters zijn en schrijvers, kunstenaars die de andere kant laten zien. De tegenstelling. De nuancering. De relativering. Het is niet zwart of wit. Goed of kwaad. Leven of dood. Het is het allebei. 

 

kan ik iets voor je doen

Ik kan er nog steeds niet aan denken zonder te huilen. Een stoere vrolijke, charmante jonge vent. Koen. Hij stapte uit het leven. Het is natuurlijk niet alleen om hem. Die tranen. Ik weet wat het is als iemand dat doet. Zelf uit het leven stappen. Geen andere uitweg ziet. Het gat in gaat. Het grote donkere gat. De lege plek. Waar niemand toegelaten wordt. De eenzame weg die wordt gegaan, helemaal alleen. Met als onvermijdelijk einde de dood. 
Griet Op den Beek zei vorig jaar in Zomergasten: “Het is niet dat die mensen dood willen, ze willen dat de pijn stopt. Vrij zijn.”  Ik weet het niet. Wij weten het niet.

Ik ken Koen van school en de sportclub. Het was een jongen waar je van moest houden. Hij was vrolijk, grappig en charmant. Hij wist wel hoe hij je voor je in moest nemen. Hij groette je altijd en gaf je dan het gevoel dat hij je zag en je mocht. Door de jaren verloor ik hem uit het oog. Nog niet zo lang geleden zag ik hem op de fiets bij het kruispunt Oranjestraat Koersendijk en ik realiseerde me pas dat hij het was toen hij overstak. Hij gaf evenmin een teken van herkenning. 

En nu hoor ik hoe zijn leven is gelopen en afgelopen. Ik kijk naar een foto en probeer of er iets in dat gezicht te lezen is wat verraadt waar dat donkere deel te zien is. “Je kunt mensen niet echt kennen”, een boek dat ik aan het lezen ben. Dat is zo. Zelfs niet als je er heel dicht bij leeft, als het iemand is van wie je houdt, je partner, je kind. En dat is pijnlijk. Dat je ziet hoe de ander lijdt, worstelt, zich verliest en onbereikbaar is geworden. Dat je iets voor die ander zou willen doen, maar niet de ingang weet te vinden waar en hoe. Dat is de eenzaamheid en het verdriet van degenen die achterblijven.

Je hebt je van je boeien bevrijd Koen. Dank voor wie je was. Een mooie vent.

Je bent weggegaan. Maar ik weet dat je nog ergens bent. Je kunt ons niet verlaten*


* Lodeizen